Aanpak grensoverschrijdend gedrag sportclubs taak voor bestuurders

ROTTERDAM – „Bestuurders moeten meer oog hebben voor ongewenst gedrag binnen hun club”, dat stellen Brug8 directeur Daniel Klijn en psychiater Joost Jan Stolker. Ruim veertig procent van de jongeren heeft in het verleden te maken gehad met fysiek, emotioneel of seksueel grensoverschrijdend gedrag, zo blijkt vandaag uit onderzoek van vier Belgische Universiteiten in Nederland en Belgie.

„Het zijn onderwerpen waar een taboe op rust bij clubs, terwijl de sportwereld juist een kans biedt om te laten zien hoe je met elkaar omgaat”, vertelt Stolker. Samen met Daniel Klijn ontwikkelde hij een jaar geleden de training Omgangsvormen in de sport. „Dat gaat vooral over fysiek en emotioneel grensoverschrijdend gedrag”, licht Klijn toe. „Brug8 geeft al jaren de training Besturen met een Visie aan sportbestuurders. Daarin zijn ze bezig met een visie en stip op de horizon, maar over omgangsvormen wordt bijna niet gesproken. Ik vind dat je als bestuurder twee weken na de seizoensstart met trainers en een aantal ouders moet kijken hoe het gaat in de club. Er is niets ergens als te laat erachter komen, dat er iets speelt in de vereniging dat voorkomen had kunnen worden.”

„Het moet continu onderwerp van gesprek zijn”, vult Stolker aan. „Hoe gaan we hier als bestuurders mee om? Wat kunnen we ermee doen? Zijn er problemen geweest? Het is ook goed om mensen te trainen in het herkennen van kenmerken. Om op een sportvereniging gezellig actief te zijn, moet je hieraan werken.”

Volgens Joost Jan Stolker is het bij veel clubs vooral lastig omdat er geen open cultuur is. „Gedrag wordt intimiderend als het de ontvanger het vervelend vindt. Stel je wordt nagefloten op een sportclub: dat kan heel leuk zijn, maar in een bepaalde sfeer ook heel vervelend. Je moet dit wel kunnen bespreken in een open cultuur.” Met het voorbeeld van het nafluiten, ook veel genoemd in het Belgische onderzoek, dreigt een club terecht te komen in grijs gebied als het gaat om grensoverschrijdend gedrag. Klijn: „Iedereen weet wel wat grensoverschrijdend is en wat niet. Maar een trainer van 21 die een relatie heeft met een van de speelsters uit het team van 15 jaar. Kan dat? Een mannelijke trainer van het damesteam die bij het douchen de kleedkamer in stapt. Dat zijn lastige dingen om te bespreken en benoemen. De afgelopen maanden zijn we dan ook druk bezig geweest met een nieuw traject Sport, spel met grenzen om juist die seksuele kant ook te bespreken.”

Met een open cultuur zijn problemen zoals hierboven beschreven voor een groot deel aan te pakken denken Stolker en Klijn. „Het pedagogische aspect in de jeugd is daarin erg belangrijk. Dan kan het clubhuis een plek waar zorg, onderwijs en sport samenkomen om dit soort zaken aan te pakken”, verduidelijkt de Utrechtse psychiater.

Brug8 komt start dit najaar met de eerste pilots van het nieuwe traject Sport, spel met grenzen. Daarnaast komen Stolker en Klijn in september met het boek over Omgangsvormen in de sport.